
Kritiek op aanvraagprocedure slavernijsubsidies: Surinaamse organisaties vragen meer duidelijkheid
| suriname herald | Door: Redactie
De aanvraagprocedure voor het Subsidieprogramma Maatschappelijke Initiatieven Slavernijverleden voor Suriname (SUM-SU) roept vragen en kritiek op bij verschillende maatschappelijke organisaties. Tijdens een informatiebijeenkomst op dinsdag 3 november, georganiseerd door de Nederlandse ambassade bij Spice Quest, uitten vertegenwoordigers hun zorgen over de aanvraagformulieren, de gebruikte terminologie en de voorwaarden waaraan projecten moeten voldoen.
Sommige aanwezigen waren van mening dat bepaalde woorden, uitspraken en onderdelen van de aanvraagformulieren eerder een koloniaal denkpatroon stimuleren dan ruimte bieden aan een daadwerkelijke dekolonisatiegedachte. Zo werden vraagtekens geplaatst bij de nadruk op de eerlijkheid waarmee documenten moeten worden ingevuld.
Ook vonden verschillende deelnemers de aanvraagdocumenten ingewikkelder opgesteld dan formulieren voor subsidieaanvragen in Nederland. Daarnaast kwamen juridische dilemma’s en de inhoudelijke afbakening van projecten aan de orde.
Ook aandacht gevraagd voor periode na slavernij Een belangrijke vraag was of alle projecten uitsluitend betrekking moeten hebben op de trans-Atlantische slavernij. Verschillende aanwezigen benadrukten dat ook de periode na
Volgens hen moet het niet alleen gaan over het pijnlijke verleden, maar ook over de gevolgen daarvan en de verdere ontwikkeling van de gemeenschappen. Tijdens de presentatie werd duidelijk gemaakt dat het principe first come, first served wordt gehanteerd.
Vertegenwoordigers van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) reageerden op vragen uit het publiek. De bijeenkomst was bedoeld om verschillende groepen te informeren en ruimte te bieden voor uitwisseling.
28 miljoen euro beschikbaar voor eerste ronde Voor de eerste ronde is 28 miljoen euro beschikbaar gesteld. Daarvan is 10 miljoen euro bestemd voor capaciteitsversterking, 16,5 miljoen euro voor maatschappelijke organisaties en 1,5 miljoen euro voor natuurlijke personen.
Het totale bedrag dat in de eerste ronde aan Suriname werd toegezegd, bedraagt 66,6 miljoen euro. De middelen zijn bedoeld voor inheemse gemeenschappen en personen van Afrikaanse komaf.
Elizabeth Bradley, directeur Internationale Samenwerking van het
Volgens Bradley moeten de middelen ten goede komen aan alle gemeenschappen. Erkenning en excuses mogen niet het einddoel zijn, maar krijgen pas daadwerkelijk betekenis wanneer deze worden gevolgd door concrete stappen die mensen en gemeenschappen vooruithelpen.
Behoefte aan meer informatiebijeenkomsten De Nederlandse ambassadeur in Suriname, Marjolein Busstra, gaf aan zich ervan bewust te zijn dat binnen maatschappelijke organisaties nog veel vragen leven over het programma. Volgens haar was dat ook een belangrijke reden om de bijeenkomst te organiseren.
Aan het einde van de bijeenkomst werd aangegeven dat er behoefte is aan meerdere vervolgsessies. Tijdens deze bijeenkomsten zouden organisaties begeleiding moeten krijgen bij het indienen van aanvragen en nader geïnformeerd moeten worden over de verschillende subsidiemogelijkheden.
| suriname herald | Door: Redactie



































