• zaterdag 24 October 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Reactie op artikel assembleelid Sadi

Reactie op artikel assembleelid Sadi

| starnieuws | Door: Redactie

Met belangstelling heb ik het artikel ''Drie keer gewaarschuwd in nog geen half jaar: wanneer handelt de regering?'' gelezen. De zorg over de Europese afkeuringen van Surinaamse sopropo, rode peper en kouseband deel ik volledig. De volksgezondheid -die van zwangere vrouwen en kinderen in het bijzonder-, is geen politiek spel. Maar juist daarom is het des te belangrijker dat we de oorzaak correct analyseren en niet komen met een slechte wet die de bestaande problemen alleen maar vergroot.


Er wordt gesteld dat het residuenlaboratorium
al sinds 2012 in aanbouw is en dat dit een uitvlucht is. Verder stelt u dat er al geruime tijd residuanalyses gedaan kunnen worden in Suriname. U vergat hierbij aan te geven tegen welk bedrag. De Europese Unie heeft aangekondigd dat zij pas in 2030 een verplicht residucertificaat zal eisen voor de invoer van plantaardige producten. Tot die tijd volstaat een fytosanitair certificaat, dat wordt uitgegeven op basis van de Plantenbeschermingswet 2020 en de IPPC-richtlijnen. Dat is het werkterrein van de NPPO, niet van het NIVS. Dat zijn twee volledig verschillende documenten, met verschillende wettelijke grondslagen en inspectievereisten.

Wat de residuenlaboratoria betreft: u heeft gelijk dat er jarenlang vertraging is geweest. Uit mediaberichten blijkt dat de vorige regering een achterstand van SRD 32 miljoen niet had betaald aan de aannemer. Uit onderzoek blijkt dat deze regering die achterstand heeft ingelopen. Het lab is bouwkundig opgeleverd en momenteel worden de instrumenten

ingekocht. Dat is geen uitvlucht, zoals u stelt. Dat is de feitelijke stand van zaken.



Maar het is wel een reden te meer om de Wet NIVS niet te gebruiken als politiek stokpaardje, want die wet regelt juist niet welke laboratoria bevoegd zijn.


U pleit voor een operationeel NIVS. Maar weet u wie er in de Raad van Toezicht van dat NIVS zitten? Volgens artikel 20 van de wet bestaat de raad uit de drie directeuren van de betrokken ministeries en zes vertegenwoordigers uit de private sector. De private sector heeft dus een tweederdemeerderheid. Dit betekent dat degenen die het voedsel produceren, verwerken en verkopen, uiteindelijk het toezicht op hun eigen sector in handen krijgen. De overheid verliest haar zeggenschap. De slager keurt zijn eigen vlees. De diverse diensten hebben hier in hun commentaar altijd op gewezen (dat nooit is meegenomen). Wilt u dat echt verdedigen?


Het Surinaams Standaarden Bureau (SSB)
heeft in 2023 al feedback geleverd op de conceptwet. Het SSB heeft al sinds 2017 een nationale standaard voor de etikettering van voorverpakte levensmiddelen, in lijn met de Codex Alimentarius. De makers van NIVS antwoordden toen: "Wij accepteren uw aanbeveling om 'en/of' toe te voegen." Waarom heeft het NIVS eigenlijk een eigen etiketteringsmandaat als het SSB dit al doet? De wet creëert dubbele mandaten.

In het artikel staat: "Met een operationeel NIVS en een moderne levensmiddelenwet kan de overheid direct optreden." Ik nodig u uit om dat technisch te onderbouwen. Welke artikelen van de Wet NIVS maken dat mogelijk? Want de diensten zeggen het tegenovergestelde. De NPPO vraagt om duidelijkheid over artikel 5. Het SSB zegt dat het NIVS zijn werk dubbel doet. En de concept-Levensmiddelenwet, die u noemt, verwijst in vrijwel elk artikel naar de NIVS-wet, zonder eigen kwaliteitssystemen, definities van voedselveiligheid en -kwaliteit of een basis voor uitvoercertificaten.

Het NIVS neemt de taken van de NPPO, de veterinaire dienst, het BOG en het SSB over.


Daarbij komt een punt dat u in uw artikel onbesproken laat. De minister heeft herhaaldelijk in de media benadrukt dat voedselveiligheid een integrale aanpak vereist, waarbij meerdere instituten samenwerken. Naast laboratoriumcapaciteit is ook de technische capaciteit van het kader van eminent belang; daarom wordt via diverse programma's geïnvesteerd in de verdere opleiding van inspecteurs en analisten. Tegelijkertijd heeft de bewindsman meerdere keren in het parlement aangegeven dat de Pesticidenmanagementwet sinds december 2024 bij De Nationale Assemblée ligt. Ik had verwacht dat u dit als lid van het parlement zou aankaarten, want juist daar ligt de sleutel. Zonder deze wettelijke basis beschikken de bestaande diensten niet over het mandaat om daadwerkelijk naar de productiegebieden te gaan en MRL-testen uit te voeren.

Laten we stoppen met het politieke spel van "de regering moet handelen"
en in plaats daarvan de technische dialoog aangaan. Ik nodig u hierbij uit voor een technische discussie met de diensten. Tot die tijd verzoek ik u zich beter in te lezen in de stukken die al jaren op tafel liggen. De Surinaamse consument verdient beter dan een wet die de voedselveiligheid in handen geeft van de private sector en de bestaande diensten buitenspel zet.

Orlando Cairo

| starnieuws | Door: Redactie