
Worden Surinamers werkloos door kunstmatige intelligentie (AI)?
| chronostimes | Door: Redactie
AI wordt óf onze grootste kans, óf onze grootste ramp (deel 2)
De echte oliebron van Suriname ligt straks tussen onze oren
In het eerste deel van dit artikel werd betoogd dat kunstmatige intelligentie (AI) geen technologische hype is, maar de grootste economische revolutie sinds de uitvinding van internet. Ook werd gewezen op het recente pleidooi van prof. dr. Henry Ori voor een nationale innovatieagenda, waarin onderwijs, wetenschap en kennisontwikkeling eindelijk de plaats krijgen die zij verdienen binnen de economische ontwikkeling van Suriname. Die analyse raakt de kern van het probleem. Maar zij is tegelijkertijd slechts het begin van een veel grotere discussie. Want als Suriname werkelijk serieus is over de ontwikkeling van olie en gas, over economische groei en over duurzame welvaart voor toekomstige generaties, dan kan het zich niet permitteren om AI te behandelen als een onderwerp voor ICT-specialisten.
Juist daarom is het opvallend stil. Terwijl regeringen over de hele wereld nationale AI-strategieën ontwikkelen en miljarden investeren in digitale vaardigheden, wordt in Suriname nog nauwelijks gesproken over de structurele gevolgen die AI zal hebben voor de arbeidsmarkt. Dat is zorgwekkend, want geschiedenis leert dat technologische revoluties zich niets aantrekken van politieke besluitvorming. De stoommachine wachtte niet op regeringen. Internet wachtte niet op regeringen. AI zal dat evenmin doen.
De grootste bedreiging is niet AI, maar onze traagheid
Veel mensen vrezen dat AI banen zal afpakken.
Neem de overheid als voorbeeld. Vandaag kost het soms weken of maanden voordat vergunningen worden afgehandeld, dossiers worden beoordeeld of administratieve procedures zijn afgerond. AI kan een groot deel van deze routinematige werkzaamheden binnen enkele seconden uitvoeren. Dat betekent niet dat ambtenaren overbodig worden. Het betekent dat zij eindelijk tijd krijgen voor inhoudelijke beoordeling, beleidsontwikkeling en dienstverlening aan burgers. Een overheid die vandaag met dezelfde personeelsomvang twee keer zoveel werk kan verrichten, bespaart niet alleen geld, maar vergroot ook het vertrouwen van burgers in de overheid.
Hetzelfde
Iedere Surinamer moet AI leren gebruiken
De grootste fout die Suriname kan maken is AI uitsluitend onderbrengen bij universiteiten of ICT-afdelingen van ministeries. Dat zou hetzelfde zijn als internet twintig jaar geleden uitsluitend beschikbaar stellen aan informaticastudenten. AI moet juist een basisvaardigheid worden, net zoals lezen, schrijven en rekenen.
Dat betekent dat basisschoolleerlingen spelenderwijs moeten leren omgaan met AI. Middelbare scholieren moeten leren hoe AI informatie analyseert, hoe zij betrouwbare antwoorden kunnen controleren en hoe zij AI
Want AI zal niet alleen banen veranderen. AI zal bepalen wie economisch relevant blijft.
De grootste sociale uitdaging sinds de onafhankelijkheid
Daarmee komen we misschien wel bij de belangrijkste maatschappelijke vraag van dit moment. Suriname kent nu al grote verschillen tussen arm en rijk, tussen hoog- en laagopgeleiden en tussen mensen met en zonder toegang tot moderne technologie. Wanneer AI alleen beschikbaar wordt voor een kleine groep hoogopgeleiden in Paramaribo, zal deze kloof alleen maar groter worden. De rijkeren zullen productiever worden, betere banen krijgen en hogere
Precies daarom moet AI een sociaal project worden. Niet alleen een economisch project.
Wanneer iedere burger toegang krijgt tot gratis AI-trainingen, digitale leerplatforms en laagdrempelige cursussen kan AI juist een instrument worden om kansen gelijker te verdelen. Iemand die vandaag nauwelijks toegang heeft tot hoogwaardige opleidingen, kan dankzij AI persoonlijke begeleiding krijgen, nieuwe vaardigheden ontwikkelen en zichzelf omscholen naar beroepen die vandaag misschien nog niet eens bestaan.
De strijd tegen armoede wordt de komende twintig jaar daarom niet alleen gevoerd met sociale uitkeringen. Zij wordt gevoerd met kennis.
Olie zonder AI wordt een gemiste kans
Suriname spreekt graag over de miljarden die olie en gas straks zouden kunnen opleveren. Maar veel minder aandacht gaat uit naar de vraag wie
Wanneer Suriname daar zelf geen mensen voor opleidt, zullen buitenlandse bedrijven deze functies invullen. De salarissen vertrekken dan eveneens naar het buitenland. Olie alleen maakt een land niet rijk. Waardetoevoeging maakt een land rijk.
Daarom moet iedere dollar die straks uit olie voortkomt, gedeeltelijk worden geïnvesteerd in kennisontwikkeling. Niet incidenteel, maar structureel. Niet via losse projecten, maar via een nationale AI-investeringsagenda.
Een nationale AI-agenda is geen luxe maar economische noodzaak
Suriname heeft behoefte aan een nationaal AI-programma waarin overheid, universiteiten, scholen en bedrijfsleven gezamenlijk optrekken. Dat programma moet beginnen bij het onderwijs en doorlopen tot de arbeidsmarkt. Leraren moeten
Professor Henry Ori heeft terecht gewezen op de noodzaak van een nationale innovatieagenda. De logische volgende stap is dat deze innovatieagenda wordt uitgebreid tot een nationale AI-strategie waarin concrete doelstellingen worden opgenomen voor onderwijs, onderzoek, bedrijfsleven en overheid. Alleen dan ontstaat een samenhangend beleid dat verder reikt dan de regeerperiode van één kabinet.
De grootste investering is niet olie, maar onderwijs
Juist daarom moet de discussie over de nationale begroting fundamenteel veranderen. Suriname praat nog te vaak
Landen als Singapore, Zuid-Korea, Estland en Finland hebben dat al decennia geleden begrepen. Hun grootste natuurlijke hulpbron was nooit olie, goud of bauxiet. Hun grootste natuurlijke hulpbron was kennis. Suriname beschikt vandaag over een unieke kans om precies dezelfde keuze te maken, maar beschikt tegelijkertijd over veel minder tijd dan deze landen destijds hadden.
Conclusie: de geschiedenis zal hard oordelen over de keuzes van vandaag
Over twintig jaar zal niemand zich nog herinneren hoeveel politieke debatten er zijn gevoerd over benoemingen, begrotingswijzigingen of coalitieonderhandelingen. Wat men zich wel zal
Professor Henry Ori ( recente opiniestuk van prof. dr. Henry Ori bijzondere aandacht (de link naar de column van Prof Ori SurinameNU.com – Nieuws, Cultuur & Mensen) heeft terecht de noodklok geluid over de onderwaardering van wetenschap en innovatie. Zijn oproep verdient daarom niet alleen applaus, maar vooral politieke opvolging. Suriname heeft geen tijd meer voor halve maatregelen of vrijblijvende beleidsnota’s. Het land heeft behoefte aan een nationale AI-agenda die onderwijs, wetenschap, overheid en bedrijfsleven met elkaar verbindt en iedere Surinamer voorbereidt op een arbeidsmarkt die fundamenteel anders
De echte vraag is daarom niet of AI banen gaat veranderen. Die verandering is al begonnen. De echte vraag is of Suriname straks eigenaar wordt van die verandering of slechts toeschouwer blijft terwijl andere landen de economische vruchten plukken. Olie kan onze staatskas tijdelijk vullen. Kunstmatige intelligentie bepaalt uiteindelijk of ook de huiskamers van gewone Surinamers welvarender worden. Dat is de keuze waarvoor Suriname vandaag staat. En zoals iedere grote historische keuze geldt ook nu: uitstel is geen neutraliteit. Uitstel is een beslissing. En in een wereld waarin AI zich exponentieel ontwikkelt, is uitstel misschien wel de duurste beslissing die een land zich kan veroorloven.
Wie vandaag niet investeert in AI, investeert morgen in werkloosheid.
Dr. Ashwin Ramcharan RO
Disclaimer
De redactie van Chronos Times stelt
| chronostimes | Door: Redactie




































