• vrijdag 17 July 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Column: Eén jaar later, waar zijn de contouren van ‘Kenki a systeem'

Column: Eén jaar later, waar zijn de contouren van ‘Kenki a systeem'

| starnieuws | Door: Redactie

Weinig verkiezingsslogans hebben de afgelopen decennia zoveel verwachtingen gewekt als deze. Het was veel meer dan een politieke verkiezingsleus. Het was een belofte van een fundamenteel andere bestuurscultuur. Een overheid die transparanter, doelgerichter en minder politiek zou functioneren. Een rechtsstaat waarin onafhankelijke instituten daadwerkelijk worden versterkt. Een sociaal en economisch beleid dat burgers weer uitzicht geeft op ontwikkeling. Een regering die niet langer bezig is met het beheren van problemen, maar met het bouwen aan een toekomst.


Het eerste regeringsjaar onder leiding van president Jennifer Simons, die op 16 juli 2025 aantrad, verdient een eerlijke beoordeling. Niet bekeken door de bril van coalitie of oppositie, maar langs de meetlat die de regering zelf heeft neergelegd. In De Nationale Assemblee gebeurde donderdag precies wat in een politiek debat te verwachten viel. Coalitiepartijen waren wel kritisch en spraken tegelijkertijd over rust, stabiliteit en een gelegd fundament. De oppositie wees op de koopkracht,

de veiligheid en de nog altijd moeilijke economische omstandigheden. Beide beoordelingen zijn begrijpelijk, maar ook voorspelbaar. Politiek bepaalt nu eenmaal vaak de toon van de evaluatie. 

De bijdrage van NPS-fractieleider Jerrel Pawiroredjo valt op. Hoewel zijn partij deel uitmaakt van de regeringscoalitie en waar zijn partijvoorzitter, Gregory Rusland als vicepresident een andere taal sprak, koos Pawiroredjo niet voor een jubel toespraak, maar voor een reality check. Hij wees op de toenemende zware criminaliteit, de situatie in het binnenland, de illegale goudwinning, de drugshandel en het groeiende gevoel dat de overheid in delen van het land de regie verliest. Dat is geen oppositieretoriek. Dat is erkennen dat een regering na een jaar ook de moed moet hebben om kritisch naar zichzelf te kijken.

 

 

Niemand verwacht dat een regering in twaalf maanden alle problemen oplost die zich in tientallen jaren hebben opgebouwd. Dat zou een onrealistische verwachting zijn. De regering heeft bovendien een financieel

en bestuurlijk ingewikkeld vertrekpunt geërfd. Dat is een feit. Maar dat vertrekpunt kan na een jaar niet langer de belangrijkste maatstaf zijn. Het beschrijft de situatie waarin de regering begon, niet de koers die zij inmiddels zelf heeft uitgezet. Na één jaar mag de samenleving vooral zoeken naar zichtbare contouren van het nieuwe systeem dat werd beloofd. 

De slogan Kenki a Systeem riep verwachtingen op van een overheid waarin politieke loyaliteit minder bepalend zou zijn dan deskundigheid. Van een bestuurscultuur waarin transparantie en verantwoording vanzelfsprekend zouden worden. Van een ontwikkelingsbeleid met duidelijke prioriteiten, meetbare doelen en een langetermijnvisie die verder reikt dan de volgende verkiezingen. Maar waar ziet de burger die omslag daadwerkelijk terug?

De politieke benoemingen bij verschillende raden van commissarissen doen eerder denken aan vertrouwde patronen dan aan een fundamenteel nieuwe bestuurscultuur. Ook binnen de coalitie blijft de samenhang regelmatig onderwerp van discussie. Coalitiepartner ABOP laat
publiekelijk weten dat gemaakte afspraken moeten worden nagekomen. Welke afspraken zijn dat precies? En hoe verhouden die zich tot de belofte om juist het politieke systeem en de manier van besturen te veranderen?. 

Dat betekent niet dat er geen resultaten zijn geboekt. De regering heeft stappen gezet op het gebied van woningbouw, werkt aan internationale samenwerking en probeert de financiële stabiliteit verder te consolideren. Dat zijn ontwikkelingen die erkenning verdienen. Maar losse beleidsmaatregelen vormen nog geen systeemverandering. Een werkelijk nieuw bestuur herken je niet alleen aan projecten, maar aan de manier waarop de overheid functioneert. Zijn onafhankelijke instituten sterker geworden? Is de rechtsstaat zichtbaar verder versterkt? Zijn armoedebestrijding, onderwijs en gezondheidszorg onderdeel van één samenhangende ontwikkelingsvisie? Is er een duidelijk economisch perspectief voor gezinnen en ondernemers? Is het buitenlands beleid herkenbaar gekoppeld aan nationale ontwikkelingsdoelen? En vooral; ervaart de burger dat de overheid vandaag anders werkt dan een jaar
geleden?

Het eerste regeringsjaar hoeft geen lijst van voltooide verkiezingsbeloften op te leveren. Het moet wel laten zien dat de fundamenten zijn gelegd voor de samenleving die werden beloofd. Een fundament dat niet alleen bestaat uit financiële cijfers of bestuurlijke rust, maar ook uit vertrouwen, rechtszekerheid, sociale vooruitgang en een geloofwaardig ontwikkelingsperspectief. De grootste uitdaging voor de regering ligt daarom misschien niet in het uitvoeren van afzonderlijke projecten, maar in het zichtbaar maken dat de cultuur van besturen daadwerkelijk verandert. De toekomst als het verleden zal de huidige regering niet beoordelen op de slogan Kenki a Systeem, maar of Surinamers over vier jaar werkelijk kunnen zeggen dat niet alleen de regering/overheid is veranderd, maar ook het systeem waarover zoveel is beloofd.

Wilfred Leeuwin

| starnieuws | Door: Redactie