
Regering houdt brandstofprijzen nog bevroren ondanks verlies van SRD 350 miljoen per maand
| starnieuws | Door: Redactie
De regering heeft op het laatste moment afgezien van het loslaten van de prijsbeperking (price cap) op brandstoffen, ondanks het feit dat de maatregel de overheid maandelijks ongeveer SRD 350 miljoen kost. President Jennifer Simons maakte maandag duidelijk dat de huidige regeling financieel niet houdbaar is. Op basis van deze gegevens is de derving nu reeds meer dan SRD 1.5 miljard. De totale last zal oplopen tot SRD 3 miljard als de huidige price cap blijft.
De prijs cap werd 17
"Wij hebben dat gedaan om de samenleving te beschermen tegen een plotselinge prijsstijging en tegelijkertijd tijd te kopen om te bekijken welke sectoren eventueel gericht ondersteund zouden moeten worden", zei Simons. Volgens haar was de bedoeling de maatregel weer af te bouwen zodra de internationale olieprijzen voldoende zouden dalen. "We hebben steeds gezegd dat we dit niet onbeperkt kunnen blijven doen. Er moest een goed moment komen om de cap los te laten", zei de president.
Dat moment leek enkele weken geleden te zijn aangebroken. De internationale
Volgens de directeur van Financiën, Vincent Fernandes, zal de totale last voor de overheid naar verwachting oplopen tot ongeveer SRD 3 miljard, op basis van berekeningen van het ministerie van Financiën en Planning. Fernandes deelt verder mee dat de oliemaatschappijen inmiddels door het ministerie van Financiën en Planning op de hoogte zijn gesteld van het besluit dat de verhoging niet doorgaat.
De prijs cap werd 17
maart ingevoerd nadat de olieprijzen als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten plotseling sterk waren gestegen. Om een schok voor huishoudens en bedrijven te voorkomen, besloot de regering de pompprijzen tijdelijk te begrenzen op SRD 53,27 per liter diesel en SRD 48,32 per liter unleaded. Het verschil tussen de werkelijke marktprijs en de pompprijs wordt sindsdien door de overheid opgevangen.
"Wij hebben dat gedaan om de samenleving te beschermen tegen een plotselinge prijsstijging en tegelijkertijd tijd te kopen om te bekijken welke sectoren eventueel gericht ondersteund zouden moeten worden", zei Simons. Volgens haar was de bedoeling de maatregel weer af te bouwen zodra de internationale olieprijzen voldoende zouden dalen. "We hebben steeds gezegd dat we dit niet onbeperkt kunnen blijven doen. Er moest een goed moment komen om de cap los te laten", zei de president.
Dat moment leek enkele weken geleden te zijn aangebroken. De internationale
olieprijs was gedaald en volgens Simons zou het loslaten van de cap slechts een beperkte prijsstijging aan de pomp hebben betekend. "Toen dachten wij: als we stoppen met die cap, houden we die SRD 350 miljoen per maand over om meer te kunnen doen voor onze ambtenaren en mensen in de sociale sector." De plannen werden echter doorkruist door de hernieuwde spanningen op de internationale oliemarkt. "Toen begonnen de problemen weer en stegen de olieprijzen opnieuw", zei Simons.
De oliemaatschappijen hadden de nieuwe pompprijzen voor vandaag inmiddels al voorbereid. Daarbij zou diesel bij GOw2 stijgen naar SRD 57,62 per liter en gasoline naar SRD 52,24 per liter. Ook andere oliemaatschappijen waren gereed om de nieuwe tarieven door te voeren. Enkele retailers waren al gestopt met de verkoop van brandstof.
De regering heeft besloten de huidige brandstofprijzen tot nader order te handhaven. Voordat een definitief besluit wordt genomen over het
loslaten van de prijscapmethode, zal eerst verder overleg worden gevoerd met verschillende maatschappelijke groeperingen.
Volgens de directeur van Financiën, Vincent Fernandes, zal de totale last voor de overheid naar verwachting oplopen tot ongeveer SRD 3 miljard, op basis van berekeningen van het ministerie van Financiën en Planning. Fernandes deelt verder mee dat de oliemaatschappijen inmiddels door het ministerie van Financiën en Planning op de hoogte zijn gesteld van het besluit dat de verhoging niet doorgaat.
| starnieuws | Door: Redactie




































