• vrijdag 31 July 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
De rivier gaat dood: de vissen drijven naar de oppervlakte en vertellen een wrede tori

De rivier gaat dood: de vissen drijven naar de oppervlakte en vertellen een wrede tori

| chronostimes | Door: Redactie

De rivier gaat dood

De vissen drijven naar de oppervlakte. Ze vertellen een wrede tori!

Wat zich in het water afspeelt, legt pijnlijk bloot wat op het land ontbreekt: duidelijke verantwoordelijkheid, krachtig toezicht en een overheid die handelt voordat de natuur zelf alarm slaat. Saramacca Mama is geen gewone waterweg. Zij is leven, voedsel, inkomen en vervoer. Zij verbindt dorpen, gezinnen en generaties. Zij draagt herinneringen, cultuur en een manier van leven. Wanneer zij wordt aangetast, sterven niet alleen vissen. Dan wordt het bestaan van mensen bedreigd.

Wie beschermt de rivier?

Op het land en in het bestuur kijken verantwoordelijken elkaar aan. De minister van Oil en Gas zoekt naar de minister van Milieu. Dan kijkt hij in de spiegel. Want het is dezelfde persoon.

Suriname heeft een ministerie van Olie, Gas en Milieu. Dat

ministerie moet enerzijds de ontwikkeling van olie en gas bevorderen en anderzijds het milieu en de biodiversiteit beschermen. Op papier wordt gesproken over evenwicht, duurzaamheid en minimale ecologische schade. Maar juist wanneer het misgaat, dringt zich een lastige vraag op: wie spreekt werkelijk voor de rivier wanneer economische ontwikkeling en milieubescherming tegenover elkaar komen te staan? De ramp rond Saramacca Mama houdt Suriname inmiddels al weken bezig. De tijd van uitsluitend aftasten en voorlopige verklaringen kan niet eindeloos voortduren. Het is tijd om de knoop door te hakken.

Wat is er gebeurd? Wie draagt verantwoordelijkheid? Welke schade is aangericht? Hoe worden de getroffen gemeenschappen beschermd? En wie vergoedt het verlies van mensen die voor hun bestaan van de rivier afhankelijk zijn?

Geen ver-van-mijn-bedshow

Een ramp kan niet wachten tot de ministeries hun bevoegdheden hebben uitgezocht. De vissterfte is geen ver-van-mijn-bedshow. Zij

gebeurt hier en nu. Een milieuramp treft als eerste degenen die direct in de omgeving wonen. Maar zij blijft daar niet. Water stroomt. Vis wordt gevangen, vervoerd, verkocht en gegeten. Gezinnen verliezen hun inkomen. Handel wordt geraakt. Angst en onzekerheid verspreiden zich verder dan het vervuilde gebied. Wie denkt dat een stervende rivier alleen het probleem is van de bewoners langs haar oevers, begrijpt niet hoe sterk een samenleving met elkaar verbonden is.

Wanneer Saramacca Mama wordt getroffen, wordt Suriname getroffen.

En daar begint de grotere onrust. Is onze samenleving wel beschermd tegen een milieuramp? Weten wij wie onmiddellijk moet handelen? Wie onderzoekt het water? Wie waarschuwt de bevolking? Wie stopt de vervuiling? Wie ruimt de schade op? Wie beschermt de gezondheid van de mensen?

Suriname heeft inmiddels een Nationale Milieu Autoriteit. Zij is onder meer verantwoordelijk voor het opstellen van

milieunormen en standaarden, het monitoren van de kwaliteit van lucht, water en bodem De autoriteit zegt zich ook voor te bereiden op de gevolgen van de oil-en-gassector.

Maar tijdens een crisis telt niet alleen wat op papier staat. Dan telt wie handelt, hoe snel er wordt gehandeld en of de samenleving tijdig betrouwbare informatie krijgt. Onzekerheid is op zichzelf al gevaarlijk. Wanneer mensen niet weten of zij het water mogen gebruiken, de vis mogen eten of hun kinderen veilig zijn, groeit naast de milieuramp ook een vertrouwenscrisis.

De vissterfte stelt daarom een grotere vraag dan alleen: Wat heeft de vissen gedood? De andere vraag is minstens zo belangrijk: Kan onze overheid ons beschermen wanneer het misgaat?

De grote beer: oil en gas

Tegen dit licht moeten wij ook naar de grote beer in de kamer kijken: oil en

gas. Suriname kijkt reikhalzend uit naar de inkomsten die oil en gas mogelijk zullen opleveren. Wij horen over investeringen, groei, werkgelegenheid en een toekomst waarin veel meer geld beschikbaar zal zijn.

Maar de dooie vissen in de Saramaccarivier dwingen ons verder te kijken dan de mogelijke opbrengsten. Wanneer een milieuramp in een rivier ons bestuur al zoekend en tastend achterlaat, welke waarborgen hebben wij dan wanneer zich voor onze kust een grote olieramp voordoet?

Gaan wij dan nog zoeken welk deel van het ministerie verantwoordelijk is? Gaan wij tijdens de ramp nog vaststellen wie toezicht houdt, wie waarschuwt, wie opruimt en wie de schade betaalt?

Een olieramp wacht niet totdat verantwoordelijkheden zijn verdeeld. Olie volgt stromingen, bereikt kusten, beschadigt visgronden en treft gemeenschappen die voor voedsel en inkomen van het water afhankelijk zijn. Dan gaat het niet alleen om een schoonmaakoperatie.

Dan gaat het om gezondheid, natuur, voedselzekerheid, aansprakelijkheid, schadevergoeding en herstel dat jaren kan duren.

Juist daarom moet Suriname vóór de grote productie weten waar het rampenplan ligt. Wie voert het bevel? Welke deskundigheid en apparatuur zijn beschikbaar? Wie waarschuwt de bevolking? Welke bedrijven zijn aansprakelijk? Wie betaalt onmiddellijk voor bestrijding, schade en herstel?

Een visie is nog geen rampenplan. Een ministerie is nog geen bescherming. En mooie woorden over duurzaamheid zijn nog geen waarborg. Wij mogen niet pas naar de minister van Milieu gaan zoeken wanneer de olie al op het water drijft. En wanneer wij hem vinden, mag hij niet opnieuw alleen zichzelf in de spiegel aantreffen.

De buit en de slachtoffers

Misschien is dat wel de wreedste tori die de vissen ons vertellen: wij rekenen op de rijkdom, maar zijn nog onvoldoende voorbereid op een

ramp. Het beeld dringt zich op van een rover. Hem interesseert het niet wat er met de slachtoffers gebeurt. Voor hem telt slechts de buit. Wanneer wij bij oil en gas bijna uitsluitend spreken over miljarden, inkomsten en economische groei, maar veel minder zichtbaar over mens, milieu, risico, toezicht en herstel, beginnen wij gevaarlijk veel op die rover te lijken.

Dat doet pijn.

Een regering die alleen berekent wat er kan binnenkomen, maar niet vooraf organiseert wat er moet gebeuren wanneer het misgaat, bestuurt geen toekomst.

Suriname is geen casino

Ontwikkeling is geen gok en moet rusten op feiten, betrouwbare gegevens en aantoonbare zekerheden. Natuurlijk horen daar risico’s bij. Maar wie serieus bestuurt, brengt die risico’s vooraf in kaart, werkt alle mogelijke scenario’s uit en zorgt dat bescherming, toezicht en herstel gereed staan voordat het misgaat.

De vissen in de Saramaccarivier vertellen ons een pijnlijke tori!

De vraag is of wij luisteren.

Paul Middellijn

Disclaimer

De redactie van Chronos Times stelt ingezonden artikelen ter beschikking aan haar lezers om een diversiteit aan meningen en standpunten te bieden. De inhoud van dit artikel, inclusief alle geuite meningen en beweringen, valt volledig onder de verantwoordelijkheid van de auteur en weerspiegelt niet noodzakelijk de mening of het standpunt van de redactie. De redactie is niet aansprakelijk voor de juistheid van de informatie of voor eventuele gevolgen die voortvloeien uit de inhoud van dit stuk.

Redactie Chronos

| chronostimes | Door: Redactie